Terug naar overzicht

Hoge Raad: ondanks buitenlandse kentekenregistratie toch nieuwe auto voor de BPM

Geplaatst op 28 januari 2017

Aan een periode van onduidelijkheid over de vraag wanneer er sprake is van een nieuwe of een gebruikte auto is door een nieuw arrest van de Hoge Raad een eind gekomen.

Het gaat hierbij om de discussie of na het intrekken van de Leidraad BPM 2006 per midden 2010 nog steeds gesteld kan worden dat een auto met een buitenlandse kentekenregistratie als gebruikte auto kan worden gezien.

In die oude Leidraad was een bepaling opgenomen dat “motorrijtuigen waarvoor een kenteken is toegekend, afgegeven, gedateerd en op naam gesteld” als gebruikte voertuigen werden gezien. Die bepaling staat vanaf 2010 niet meer in de Kaderbesluiten BPM. Volgens de Hoge Raad kan uit de tekst van die nieuwe besluiten “niet worden ontleend dat de minister van Financiën na de intrekking van de Leidraad BPM 2006 dit begunstigende beleid heeft willen voortzetten”.

De vraag of het een nieuwe of gebruikte auto is, is van belang voor de BPM-heffing bij invoer in Nederland. Is het een gebruikte auto, dan kan het historische BPM-tarief van toepassing zijn en kan er een afschrijving meegenomen worden in de berekening van de BPM.

De Hoge Raad oordeelt echter dat onder een nieuwe personenauto moet worden verstaan een auto die na de vervaardiging ervan niet of nauwelijks in gebruik is geweest. Is het op basis hiervan geen nieuwe auto, dan is het voertuig voor de BPM een gebruikte auto. De vraag blijft overigens nog wel waar precies de grens ligt.

Bron: Auto & Fiscus